Vrijdag 14 december 2001

We hebben Bamako achter ons gelaten. De indruk die de stad achtergelaten heeft is dat het een gemoedelijke, rustige en schone stad is. We zijn vanaf de camping niet de stad in geweest, de honden mee gaat niet en hoelang moeten ze anders in de truck blijven totdat wij weer terug zijn. Nee, ik weet van mezelf dat ik dan ook niet lekker in de stad rondloop, altijd met de vraag hoe het met Kim en Brown zal zijn. Natuurlijk zien we wel het een en ander. De grond is rode aarde, gekleurd als terra cotta-potten, en heel fijn. Overal waait het op en uiteindelijk zit het overal, je wordt er 's morgens mee wakker omdat het je neus verstopt. Mensen van hier dragen dan ook soms stofkapjes. We zien geen ezels die gebruikt worden als lastdier, dat komt later weer. Veel stalletjes langs de weg waar allerlei vaardigheden te zien zijn; fietsenmaker, meubelmaker, sinaasappelschillers, verkoop van fruit, verkoop van benzine voor de brommers en scooters die hier rijden enz. Ook verkoop van zogenoemde "hete balletjes", een soort flauwe oliebolletjes zonder krenten overgoten met een hete saus. Erg lekker als snackje. Marktjes waar van alles te koop is; groente, vlees, vis, fruit, potten, pannen, plastic emmers enz. De kraampjes zijn veelal gemaakt van vier houten palen in de hoeken en een dakje van stokken en riet, de meeste kramen staan op instorten.
De ramadan is nog niet voorbij. We hebben er eigenlijk onderweg weinig van gemerkt, er was altijd brood te krijgen. Hier in Bamako is ook van alles te krijgen. Wat hier wel gebeurt is dat 's morgens om ongeveer 04.30 uur vanaf de moskeen opgeroepen wordt om te gaan eten want dat kan nog even voordat de zon opkomt. En dan begint het om ons heen tot leven te komen; gekletter van potten en pannen, geluiden van mensen en herrie van radio's die loeihard aangezet worden (geen muziek maar een voordracht, we horen af en toe Bin Laden en Pakistan). Gelukkig is het alleen om te eten en na een uurtje gaat iedereen weer slapen, dan is het dus weer doodstil tot een uurtje of zeven. Komend weekend, de 16e of 17e december is de ramadan voorbij.

We zijn weer onderweg. Niet via Burkina Faso zoals we in eerste instantie wilden. We blijven door Mali reizen en dan Niger in. De route die we nu rijden is prachtig en over geasfalteerde weg. Via Segou, San, Mopti en dan richting Gao. Vervolgens zakken we de Niger af om het land Niger in te rijden.
Het landschap is mooi en afwisselend. Dan weer veel grote groene mangobomen met her en der een kale Boababboom met op de bodem vergeelde grassoorten. Dan weer hele stukken met landbouwgrond waar nu nog slechts verdroogde stengels van mais staan en liggen. Vlaktes met rode stof, vlaktes met geel zand, stukken met rotsen, de omgeving en vegetatie verandert bijna elke 5 kilometer.
We komen ook rotsen tegen, zomaar uit het niets. Monument Valley in Mali. En zoals ze opkomen uit het niets, zo verdwijnen ze ook weer. Het is geen berg- of heuvellandschap, nee, opeens prachtige rotsformaties.
We kamperen weer vrij. Een verademing na 5 nachten op een camping met al het lawaai.
Hier is het nu stil, echt stil. Je hoort slechts natuurlijke geluiden; vogels, sprinkhanen, koeien en geiten, de wind. 's Nachts staan er zoveel sterren aan de hemel dat je niet uitgekeken raakt.
Niemand om ons heen, daar genieten we van.

Zaterdag 15 december 2001

Een zonnige zaterdagochtend, 07.00 uur, 22 graden, 50 km voor Gao, geen mens te zien.
Net het nieuws gehoord; bij jullie koud en kans op een sneeuwbui. Zo hoort het ook eigenlijk tijdens de donkere dagen voor Kerst. Er is hier niets dat aangeeft dat het bijna Kerst is. Als we de kalender niet hadden en niet af en toe naar de radio luisteren zou het allemaal ongemerkt voorbij gaan. Kerstversiering heb ik niet echt bij me, wel een paar oude kerstkaarten die ik op ga hangen. Een kerstboompje is er niet, hooguit een struikje met enorme stekels. Nee, ik denk zo af en toe met weemoed aan thuis. Wim heeft nergens last van, zo lijkt het.
Vandaag gaan we naar Gao. We moeten de Niger oversteken met een pont. Dan melden bij de politie anders kunnen we problemen gaan krijgen bij de grens van Niger (tja, en dan nog dat in ons visum van Mali een andere plaats staat waar we Mali verlaten dan we nu gaan doen, wat zal dat weer gaan kosten?).

Woensdag 19 december 2001

Weer een paar dagen later. Net voor Gao zijn we met een pont de Niger overgestoken. Gelukkig stond er een prijslijst, dat scheelt weer onderhandelen en gezeur. Nu was het slechts 7500 CFA, men begon met het dubbele. Natuurlijk wil men altijd iets meer, nu omdat het een feestdag zou zijn (hier is het volgens de inwoners bij onderhandelingen over prijzen altijd een feestdag). Mooi om met een pontje over de rivier te gaan. Het is geen brede rivier hier wel is er een sterke stroming. Tjeetje, dat is even een mooi moment om te realiseren waar we zijn; op een pont over de rivier de Niger.
In Gao gaan we op een camping staan net voor de stad. Rustig en in de schaduw. De volgende dag is het het einde van de Ramadan en om problemen te voorkomen met de benodigde politiestempels gaat Wim de stad in om dat te regelen. Het duurt even eer er een taxi komt maar uiteindelijk lukt alles en achteraf is het goed geweest dat het geregeld is. Natuurlijk een klein bedrag betaald (2000 CFA), maar dat hebben we er voor over.
's Morgens vroeg gaan rijden, dit wordt een dag met grensovergangen. De weg is onverhard maar redelijk te berijden. De rivier de Niger blijft aan onze rechterhand stromen, zo af en toe zijn we slechts meters van de rivier verwijderd, soms honderden meters. In tegenstelling tot wat we gedacht hadden is het aan de oever van de rivier niet overal zo groen. Je zou denken dat er kilometers vruchtbare grond is maar dat is er soms helemaal niet, dan begint direct het zand. De woestijn rukt op. Natuurlijk soms groene, echte groene stukken maar dan ook weer zand, zand en nog eens zand. De rivier kleurt prachtig blauw en de rijstplanten in de rivier grasgroen, het lijken wel Nederlandse kleuren.

Het is noodzakelijk een aantal autoriteiten te bezoeken voordat we Mali kunnen verlaten, de douane, de politie en de gendarmerie. Om een snelle doorgang te bespoedigen moet ik me van Wim ziek houden; ik zou malaria hebben en moet zo snel mogelijk naar Niamey, de hoofdstad van Niger. Of het helpt weet ik niet maar het gaat allemaal redelijk snel. Alleen de gendarmerie (wat moeten of doen die eigenlijk?) geeft wat oponthoud, er moet lang onderhandeld worden over geld. Uiteindelijk 2000 CFA (ongeveer f7,50) betaald en door. Dan een stuk niemandsland met een slechte weg. Maar het kan nog slechter. Eerst de politie, na wat praten is alles goed en kunnen we door. De douane en gendarmerie hebben 20 kilometer verderop een post. De weg is afgrijselijke slecht en de zon begint al flink te zakken in de Niger. Onderweg horen we wat aan de auto, stoppen en kijken maar we kunnen niets vinden. Helemaal goed klinkt het niet. Tegen schemer komen we bij de gendarmerie en douane aan. Even wachten op de douane, eerst moet het gebed plaatsvinden. En dat is dan direct het einde van de Ramadan. Het duurt slechts 10 minuten en we worden geholpen.

Het einde van de Ramadan. Vanmorgen zagen we onderweg overal mannen in groepjes bijeen aan het bidden. Vrouwen in groepjes daarachter of achtergebleven in de dorpen. Die lijken verlaten te zijn. De mensen zien er allemaal prachtig uit; fel gekleurde gewaden. Ze zijn vriendelijk en zwaaien nog enthousiaster dan voorheen. Gelukkig zie ik nergens het slachten van dieren of geslachte dieren hangen.

Dan zijn we in Niger en de formaliteiten zijn weer verricht zonder een cent te betalen. Het is donker als we verder rijden, we willen buiten het dorp overnachten. Eerst nog een tolweg; we betalen voor de hele route in Niger, tot aan de grens met Tsjaad (9000 CFA, ongeveer f 32,00) en krijgen een mooi bonnetje mee. Terwijl Wim dat aan het regelen is komt er naast de truck aan mijn kant een jongetje staan, ongeveer een jaar of 10. Wat doet hij daar? Moet hij geen feest vieren. Hij ziet er smoezelig uit. Natuurlijk vraagt hij om een cadeautje en geld en ik zeg hem dat ik niets heb of geef. Hij doet alsof hij moet huilen. Ik moet er een beetje om lachen en zeg hem dat hij goed kan toneelspelen. Hij houdt direct op maar begint even later weer aan zijn toneelspel. Het is aandoenlijk, ik geef hem een snoepje. Hij is verbaasd en dankbaar. Als ik hem er nog eentje geef als we weg rijden is hij helemaal in de zevende hemel, hij wenst ons een fijn feest, een goede nacht en het allerbeste.

We overnachten ergens in niks, vervelend dat we een plek moeten zoeken in het donker. We staan weer in een veld vol met stekels, ze noemen het kramkram. Heel lastig en rot voor de honden, die zitten weer onder van top tot teen.

Dan richting Niamey. Van een Duitser in Bamako hebben we gehoord over een camping 30 kilometer voor Niamey, gelegen aan de oever van de Niger, Rio Bravo genaamd en gelegen bij de golfclub (?!?!) van Niamey, Relais Karanasi. Dat staat aangegeven onderweg en als je daar afslaat kom je vanzelf bij Rio Bravo. We staan prachtig onder de bomen, 30 meter vanaf het water. Het is stil en rustig. Er komen nog twee Oostenrijkers bij, Roland en Maria met een rode Steiger van 32 jaar oud. Ze zijn via Tunesie en Algerije gereden, volgens hun zeggen een mooie en goede route. Gezellig even met andere toeristen en een Schnapps na het eten.

We hebben gebeld naar Luuk, de Nederlander met wie we door de woestijn gegaan zijn. Helaas is hij net vertrokken richting Ghana. Hij is me nog een biertje verschuldigd, die zal ik te zijner tijd gaan ophalen in cafe Zomerlust in Tilburg.

SMS-berichten komen door. Ik weet natuurlijk niet of ze allemaal doorkomen, maar van Lia en Rombout (gefeliciteerd, ik neem ook een fles) komen ze aan. Erg leuk om iets te vernemen vanuit het koude en winterse Nederland terwijl het hier gemiddeld 35 graden in de schaduw is en de nachten warm blijven.

Alles gaat met ons en de honden goed. Nog geen echte ziektebeelden, wel eens een beetje verkouden en keelpijn maar verder niets. Ook de magen werken uitstekend en een malaria-aanval is uitgebleven. Van de 6 Nederlanders die we in Bamako ontmoet hebben hadden er 3 (waarvan er 2 iets tegen Malaria slikten) tegelijkertijd malaria. Gelukkig was in Bamako naast de camping een kliniek en zijn ze gelijk aan het infuus gelegd. Het heeft me wel even aan het schrikken gemaakt en ik heb nog eens goed naar de tabletten gekeken die we meegenomen hebben in geval van malaria. So far so good, maar het gaf voor mij aan dat je ook een grote dosis geluk moet hebben. Ondanks preventiemaatregelen ontkom je niet aan muskietenbeten. We blijven hopen dat het goed gaat.

Donderdag 20 december 2001

Warm is het hier, zelfs zo dicht aan het water. Het is nu half acht 's avonds en het is nog 34 graden. De nachten koelen niet zo snel af, dat wordt weer zweten. 's Morgens als we wakker worden is het meestal ongeveer 24 graden.

Morgen willen we met piroque, een uitgeholde boomstam, naar Niamey over de Niger. Daar van alles doen en weer terug. Hopen dat het gaat lukken.

Dan nog maar een keertje, Fijne Kerstdagen met veel sneeuw en een spannend en avontuurlijk 2002.

Veel liefs en tot de volgende mail, Wim, Monique, Kim en Brown.