Hallo allemaal,
En daar staan we weer, aan die prachtige Keniaanse kust op Tiwi Beach. We
staan op dezelfde mooie plek als vorig jaar maart/april; in het zand, op ongeveer
15 meter van het oceaanwater bij hoog tij en onder de palmboom. En we zien
weer dezelfde mensen; Eddy (de geldophaler), Rudy (de houten snuisterijenverkoper),
de Mango-man en alle visserslui.
Maar eerst terug naar Pangani, Tanzania. Daar hebben we nog de verjaardag van
Wim gevierd, samen met Frank en Loes. De ballonnen waren geen echt succes,
of ze liepen heel snel leeg, of ze raakten lek door de doornen van de bomen.
Maar het zag er wel even heel feestelijk uit. Loes heeft nog bellen geblazen
voor Wim, altijd verrassend.
De volgende ochtend zijn we vertrokken richting Kenia. Eerst een uurtje over
een dirt-road voor de 30 kilometer naar Tanga. Slecht, heel slecht. Vervolgens
in Tanga boodschappen gedaan en op het internet geweest. Dat laatste werkte
als een trein, altijd weer een verademing. Net na het middaguur, bloedheet,
rijden we naar de grens. De afstand is niet zo groot, echter de weg is heel
slecht. De grensovergang geeft geen problemen, in Tanzania vragen ze niet naar
de road-tax (scheelt toch weer 100 US). Voor Kenia hebben we weer een visum
nodig ad. 50 US per persoon, 3 maanden geldig. De road-tax betalen we tot Mombassa.
Hier in Kenia betaal je niet voor de hele geplande route, je betaalt in delen.
Eerst naar Mombassa, ga je verder dan is er bv. tussen Mombassa en Nairobie
weer een tolkantoor. Dit keer hoeven we dus geen lulverhaal op te hangen. De
road-tax bedraagt 16 US.
Dan over een strakke asfaltweg naar Tiwi Beach. Spanning alom, hoe zal het
zijn, wie zijn er nog, welke overlanders zullen we zien? Voordat we op de camping
aankomen gaan we eerst nog maar geld pinnen. Een luxe; gewoon, simpel en snel
uit de muur Keniaans geld trekken!
Dan de laatste 20 kilometer. We komen tegen half vijf aan. Het is nog precies
hetzelfde op de camping, het ziet er vertrouwd uit. De plek welke we vorig
jaar bezetten is vrij (er is slechts 1 andere auto en verder wat losse tentjes)
en Wim parkeert de truck in een keer goed. Zoals gezegd, op het zand, dicht
bij het oceaanwater (minder last van muskieten) en onder de palmboom.
Het is goed om terug te zijn. We willen hier Kerst en Oud & Nieuw vieren,
we zijn op tijd!
Ondertussen staan we hier al weer meer dan 3 weken. Onze plek is door Wim
omgedoopt in Paradise Beach. Want dat is het. Elke dag de zon en de zee. Elke
dag vers fruit en veel verse vis. Elke dag een prachtig uitzicht over het water.
We lijken er niet genoeg van te kunnen krijgen. Vooral het uitzicht op zee,
dat verandert door de wolken constant.
We doen verder weinig, ik ben nog niet van de camping afgeweest. Natuurlijk
wel over het strand, maar niet naar de hoofdweg. Dat wordt ook afgeraden. De
zandweg naar de hoofdweg richting Mombassa staat erom bekend dat er overvallen
plaatsvinden op toeristen die per benenwagen of fiets zijn. In de drie weken
dat we hier zijn, zijn er al twee toeristen overvallen. De enige veilige manier
is met eigen auto of taxi. Helaas, zo vredig als het er hier aan het strand
uitziet, zo onveilig is het even verderop. Ook de camping an sich is niet helemaal
veilig; we horen van diefstal van camera’s en kleding. En dat zijn geen
verhalen van maanden terug, nee dat is gebeurd net voor of tijdens ons verblijf
hier. Gelukkig is er ’s nachts een askari, een bewaker. Gisteren liet
hij zich weer even zien, hij had pijl en boog bij zich! Een boog gemaakt van
een kromme tak met een touwtje, de pijlen gemaakt van tentstok of bamboe. Wel
zit er een scherpe ijzeren pijlpunt aan. Het ziet er gevaarlijk uit maar of
het effectief is vragen we ons af. Ook in het donker over het strand lopen
wordt afgeraden. Vorige maand is er nog een toerist vermoord.
Klinkt leuk, niet waar? Maar tijdens ons verblijf vorig jaar en ook nu, is
ons nog niets gebeurd. We lopen of fietsen niet over de zandweg, we lopen in
het donker niet over het strand en ’s avonds gaat het meeste weer achter
slot en grendel. We slapen nog steeds met de deur open, alhoewel we nu wel
de trap ophalen zodat ze niet zomaar ’s nachts terwijl we lekker liggen
te slapen naar binnen kunnen lopen. Want aan Brown heb je helemaal niets, die
ligt elke nacht luid te snurken.
Brown heeft gezelschap van een zestal campinghonden. Ze vallen Brown niet lastig
en ondanks dat ze niet spelen met elkaar, kunnen ze goed met elkaar opschieten.
Gelukkig zien de honden er redelijk goed uit, geen echte scharminkels en hebben
ze ook geen open wonden.
Deze rebellenclub bestaat uit Porky (hij heeft varkensoogjes), Miss Piggy (de
vrouwelijke versie van Porky), Vosje, Oogje (had een oogwond, is nu weer genezen),
Oude Ronkerd (slaapt de hele dag) en een zwartje zonder naam. Het is een gezellig
zooitje, elke ochtend weer even enthousiast. Ze liggen, in verschillende formatie,
onder de truck of in de buurt op het strand. Geen last heb je er van, ze bedelen
zelfs niet. Hoeft ook niet want ondertussen weten ze dat ze ’s avonds
een hapje krijgen, dit tot grote verontwaardiging van Brown. Vandaag krijgen
ze havermout (Wim had een pak voor zichzelf gekocht, bekend merk, maar er zaten
wat dode beestjes in die boven komen drijven als je het aanmaakt) met tonijnresten.
Dat wordt smullen.
Nu is het prachtig weer, een blauwe lucht met in de verte op zee wolken. Vannacht
heeft het even geregend maar toen we opstonden om 06.00 uur (bij jullie 04.00
uur) was de lucht weer open. Echter, binnen een half uur is de lucht helemaal
grijs en donker, er is geen blauw stukje te zien. En je kunt kilometers kijken.
De regen begint, en dan ook gelijk goed. Het is altijd kort en hevig. Binnen
een kwartiertje is het weer droog, maar de lucht is nog steeds grauw. Maar,
ongelooflijk voor Nederland, in een half uurtje is de lucht strak blauw en
zijn alle grauwe wolken als sneeuw voor de zon verdwenen. Dat is het mooie
hier, de snelheid waarmee het weer kan veranderen. Ook de wolkenband die nu
boven de oceaan ligt verandert constant, elk moment ziet het er anders uit.
Voor mij blijft dit uitzicht een televisieprogramma, ik kan er uren naar kijken.
We zijn al weer druk geweest vanmorgen. Natuurlijk het gesodemieter met de
regen. Het beddengoed hangt te luchten, de stoelen staan buiten, de dakramen
staan open enz. Nou, met die regen moet de was naar binnen, de stoelen opgeruimd
worden en de dakramen weer dicht. En een beetje snel want miezerregen kennen
ze nog niet, het zijn direct grote druppels. Binnen wachten tot de regen ophoudt.
Dan maar eten maken voor vanavond; pasta met bacon en asperges. De regen stopt,
alles weer open en naar buiten. Tijd voor het ontbijt; verse passievrucht,
mango, banaan en sinaasappelen. Dat is nog eens gezond! Dan komt de eerste
verkoper; de groothandelvisboer. Zo noemen we hem maar want hij is degene die
met grote vissen aankomt. Meestal op bestelling, ook nu. Hij heeft een tonijn
van 20 kilo bij zich. Samen met de buren (een van origine Duits missionarisgezin,
ze bestaan nog, die hier vorig jaar tegelijkertijd met ons hebben gestaan)
de vis gekocht. De groothandelvisboer maakt aan de waterlijn de vis schoon
zodat we enkel nog het vel hoeven te verwijderen, in moten te snijden, in plastic
verpakken en in het vriesvakje moeten stoppen. Hebben we weer vis voor 1 week.
Lekker want je kunt het op zo veel verschillende manieren eten; door de pasta
of rijst, op de barbecue of opbakken in de pan. Nee, we kunnen er nog geen
genoeg van krijgen. Twee weken geleden hadden we zwaardvis, ook van dezelfde
visboer. Grote moten, enkel filets achtergehouden. Elke keer weer smullen.
Die grote vissen zijn lekkerder dan die kleine welke visboertjes met rieten
manden elke dag weer laten zien. Harder (niet te vreten, de gaten vielen erin
tijdens de barbecue), sardines (hebben we nog blikken genoeg van), papegaaivis,
red snapper, garnalen (veel te duur in vergelijking met de prachtige tonijn
en zwaardvis) en kreeft (helemaal veel te duur). Want voor de tonijn van vanmorgen,
waar we toch zeker 7 dagen goed van kunnen eten, hebben we ongeveer 25 gulden
betaald. Nou, dat is een koopje. Voor de langouste van vanmorgen, van meer
dan 1 kilo werd 18 gulden gevraagd. Maar daar kun je dan slechts 1 keer van
eten.
Na de groothandelvisboer kwam de Mango-man. Elke ochtend komt die kleine lachende
Keniaan met zijn fietsmanden volgeladen met fruit. Mango, bananen, passievrucht,
sinaasappelen, ananas, avocado’s en nog veel meer. Elke dag kopen we
vers fruit.
Maar vandaag hebben we wat aan hem verkocht, een fiets. We hadden twee mountainbikes
bij ons, voorop de truck, welke we in Kaapstad gekocht hebben. Het leek ons
handig om bijvoorbeeld even vanaf de camping boodschappen te doen. Maar daar
is eigenlijk niets van terecht gekomen; of de winkeltjes zijn veel te ver weg,
of het is bloedheet, of je moet door het rulle zand, of het is te bergachtig
of, zoals hier, het is gewoon te gevaarlijk. We wilden dan ook de fietsen wel
verkopen, maar enkel voor een redelijke prijs want we hebben er verder ook
geen last van. Vanaf de dag van aankomst werd er gekeken naar de fietsen en
al snel kwam de vraag van Mango-man of we wilden verkopen. Dat gaat allemaal
niet zo direct als in Nederland, voordat de koop gesloten is ben je dagen verder.
Uiteindelijk de twee fietsen verkocht, eentje aan Mango-man en de ander aan
Eddy, de geldophaler van de camping. Het is in eerste instantie een belofte,
geld is er nog niet. Ondertussen komen er nog meer kopers, maar belofte maakt
schuld dus we houden ze vast voor Mango-man en Eddy. Natuurlijk vragen we ons
af of dat ze wel echt met geld over de brug komen. Voor deze zoveelste handse
fietsen, verroest maar met perma-tubes (iets nieuws hier) vragen we omgerekend
ongeveer 30 Euro per stuk (gekocht voor de helft van de prijs!), terwijl een
nieuwe lokale made-in-India gewone fiets 40 Euro kost. Het duurt een aantal
dagen, maar dan komt als eerste Eddy vol trots met het geld. Als hij ’s
avonds de fiets meeneemt is hij helemaal gelukkig. Nog gelukkiger wordt hij
als Wim hem vertelt dat er versnellingen op de fiets zitten, dat had hij nog
niet gezien, laat staan ooit op een fiets met versnellingen gereden. Ik ben
blij als ik hem de volgende ochtend heelhuids over de camping zie lopen. Mango-man
wordt dan zenuwachtig, een fiets is al echt weg. Hij zegt dat hij geld gaat
halen bij de bank, hij laat zelfs zijn bankpasje zien. Maar we vertellen hem
pole pole, rustig aan, belofte is belofte. Het duurt nog een paar dagen en
dan komt hij ook met het geld. Zijn zoontje rijdt vol trots op de fiets weg.
Zo, iedereen blij.
Zo gaan Wim en ik, en Brown zal ook wel weer meewillen, weer zwemmen. Er is
hier op ongeveer 300 meter een groot rif. Daar zijn dan ook de echte hoge golven
zoals je die kent van de zee. Die 300 meter vanaf het rif naar het strand toe
ligt bij laag water bijna helemaal droog. Je kunt er zalig struinen, over het
zand, oud rif en door het zeewier. Er blijft hier en daar water staan in kleine
poelen van maximaal 50 centimeter diepte waarin je zalig kunt badderen. Als
het in de namiddag laag water is, dan is het water in de poeltjes heet, echt
heet. De hele dag heeft de zon al op het water gestaan. Gelukkig verandert
het getijde-schema elke dag zodat het elke dag op een ander tijdstip laagwater
is.
Woensdag 3 december 2003
Na het zwemmen van gisteren is het er niet meer van gekomen om verder te schrijven,
daarom vandaag nog maar weer. Dat moet wel want morgen gaan we naar Mombassa
en daar kunnen we internetten. Vorige week is Wim met een taxi naar Mombassa
geweest om een pakje vanuit Nederland op te halen. Het is via de ANWB door
Pier verstuurd, 2 nieuwe schokbrekers en 2 rubbers waar de cabine op steunt.
Waren aan vervanging toe.
We hadden hier al gehoord dat de douane nog wel eens heel lastig kan zijn;
altijd betalen (ondanks dat er geen invoerrechten over verschuldigd zijn in
dit geval; reserveonderdelen voor de truck welke via het carnet tijdelijk ingevoerd
is). Wim gaat voorbereid op weg; paspoort mee ter indentificatie, kopie van
het carnet welke op mijn naam staat en dus ook een kopie van mijn paspoort
mee. Een paar duizend Keniaanse Shillingen en wat dollars.
Het is uiteindelijk gelukt, maar het kostte Wim weer een paar dagen van zijn
leven. Het pakje was gearriveerd en lag bij de cargo-afdeling van de luchthaven.
Aldaar was het pakket al opengescheurd en zag Wim ze al graaien; ze stonden
met een kaart en een zak snoep. De kaart zat al in de zak van eentje, de ander
was nog net niet begonnen aan het strooigoed. Herkenbaar natuurlijk; dat kan
alleen uit Nederland komen en Wim wist dus gelijk dat de strooigoed voor ons
was. Onder het mom van “neem het maar gelijk anders moet je er ook nog
invoerrechten over betalen” kreeg Wim het terug. In het pakket zat een
brief van de ANWB dat er niet over betaald hoeft te worden. Eerst dachten ze
dat het wel kon maar even later moest Wim toch naar de douane. Bij Head of
Customs vragen ze naar het carnet. Oh, geen origineel! Oh, verkeerde naam op
document! Oh, deze onderdelen staan niet apart vermeld (!!!) op het carnet!
Uiteindelijk heeft Wim toch betaald. Gelukkig was de waarde op de vrachtbrief
laag, aan de hand daarvan berekent de douane de invoerrechten. Het kostte ongeveer
60 dollar, en een paar dagen van het leven van Wim. Want er vindt meestal geen
normaal gesprek plaats; intimidatie en bedreigingen horen er bij. Zelf moet
je bluffen en een grote mond opzetten, hierdoor heeft Wim nog een groot aantal
dollars bespaard.
Hartstikke blij ben ik als Wim terug komt uit Mombassa. Blij dat het pakket
er is, dat er niet al te veel betaald moest worden en blij met de boodschappen
die hij gehaald heeft. Vers bruin brood, verse groenten en nog meer goede en
lekkere dingen. Ja, dat hebben ze hier in de buurt niet. En dan de kaart uit
het pakket. De eerste en misschien de enige voor ons van dit jaar. Pier en
Jaquelien, bedankt, ook voor het Sinterklaaslekkers; een zak strooigoed (is
al op) en speculaaspopjes (zijn ook al op).
We hebben dus al wat lekkers gehad en we zijn nu vol spanning voor morgen.
Morgenochtend vliegt Herman in vanuit Nederland voor een weekje gezelligheid.
En een rugzak vol met boodschappen. Het boodschappenlijstje is iedere keer
aangevuld en ondertussen weet ik al niet meer precies wat ik gevraagd heb.
Voor ons wordt het morgen dus al Sinterklaas!
Leuk, leuk, leuk dat Herman komt. Zelfs zonder rugzak! De tent staat al een
paar dagen op, we moesten natuurlijk kijken of de tent nog goed is, is tenslotte
al weer bijna 1 jaar opgeborgen. Nou, de tent staat goed, zeiltje erin, matje
en kussen en Herman kan komen. Vanmorgen weer een zware regenbui gehad (half
uurtje, zo grijs als een olifant maar daarna en nu weer zonnig en blauw), en
de tent heeft een paar kleine lekjes maar is verder oké.
Nou verder even niets. Alles gaat dus hartstikke goed met ons, we hebben echt
vakantie.
Oja, we hebben hier in Kenia weer een kaart gekocht voor de mobiele telefoon.
Om te sms-en.
Helaas, ik heb er een aantal verstuurd en kreeg slechts antwoord van Anneke
en Nico uit Zuid-Afrika. Een ander smsje naar Zuid Afrika is weer niet doorgekomen,
net als de berichten naar Nederland. Maar, ontvangen door ons lijkt goed te
gaan, vanmorgen nog een berichtje van Daniëlle gehad. We zijn dus eenvoudig
te bereiken via sms, alleen kunnen we niets terug sturen (vooralsnog). Gemakkelijk
voor jullie, hoeven jullie geen kerstkaarten naar Kenia te sturen! Nog goedkoper
ook! Het telefoonnummer is 00254-720 709 431.
Lieverds, fijne Kerstdagen en een spannend 2004!
Heel veel liefs, dikke zoenen van Wim, Monique en Brown.