Zaterdag 24 januari 2004
Kenia, Nairobi

We zijn in Nairobi, na 10 weken Tiwi Beach. Iets heel anders. Geen zand en zee, wel zon en stof. Geen drukkende warmte en zweetaanvallen, wel koele nachten en dekbedje. Niks mis mee! We staan nu bij een workshop/camping, Rangi’s site. Een Nieuw-Zeelander, Rangi en een Nederlandse, Annemiek.
Tiwi BeachMaar eerst nog Tiwi Beach, waar we in afwachting van Rombout stonden. Hij is ’s nachts aangekomen en door Wim opgehaald vanaf het vliegveld met een taxi. Gelukkig kwam de taxichauffeur Daniël veel te vroeg waardoor Wim nog wat boodschappen kon doen in Mombasa. Ik had me voorgenomen om op te blijven maar dat lukte slechts tot half tien. Dan is het al pikkedonker en de camping doodstil. Wel een cd met foto’s bekeken die Herman meegekregen had vanuit Nederland. Foto’s van de familie Albers. Daar word ik dan toch stil van en het is goed om dat alleen te bekijken want Wim kent de familie eigenlijk nauwelijks. Ik herken de plekken waar de foto’s genomen zijn (bij tante Cor in de kamer, bij Herman & Alice in de tuin, ja Nard dat biertje ziet er goed uit!) en ik zie de bekende gezichten weer. Dan overvalt toch het gevoel van heimwee, gemis en ik ben dan ook blij dat Wim en ik besloten hebben om, al is het maar voor even, terug te komen naar Nederland.
Rombout arriveert op tijd op het vliegveld en een uurtje later op de camping. Met slaperige ogen drinken we dan een biertje. Tjeetje, het lijkt alsof hij gisteren nog geweest is. De rugzak met kaas wordt geleegd, mjummie, kilo’s Nederlandse kaas!!!
Het zijn twee goede weken met Rombout. We rijden niet met de truck maar Rombout maakt leuke uitstapjes; Tsavo East National park voor 1 nacht, dan 2 nachten Masai Mara (met vliegtuigje!!) en dan nog een dagje snorkelen. Zo ziet hij tenminste nog wat van Kenia zonder dat wij met de truck moeten gaan rijden. Voor ons zijn de parken ook duur, zeker als je met de truck gaat. En wij hebben tenslotte de Big Five (olifant, leeuw, buffel, neushoorn en luipaard) al gezien. Overnachten in de parken gaat niet vanwege Brown. Dus, op deze manier een goede invulling gegeven aan de twee weken die Rombout in Kenia doorbrengt.
Het is gezellig, lekker biertje drinken, praten over de familie, over zijn leven en werk. Zo zijn we weer snel op de hoogte. Naast de Nederlandse kaas heeft Rombout nog meer meegenomen. Weer een cd met foto’s van de familie Albers. Alice, je hebt het er maar druk mee! Kerstfoto’s met echte kerstbomen, kerstontbijt van de kinderen (ja, we kunnen heeeel goed zien wat voor lekkers er allemaal klaargemaakt is!) en de versierde kersttafel voor het kerstdiner. En heel attent, Alice heeft het jaarboek 2003 meegegeven. Een hartstikke leuk en welkom cadeau, ook voor andere landgenoten. Een jaaroverzicht, met foto’s. Via de wereldomroep en kranten zijn we wel een beetje op de hoogte gebleven van het gebeuren in 2003 maar we hebben bijna nooit foto’s gezien, geen plaatjes bij de gezichten, geen beelden van de gebeurtenissen. Nu hebben we een mooi boek, met foto’s en tekst. Lieve Alice en Herman, bedankt!
Van Ted krijg ik iets speciaals; een boekje “Sister”, met spreuken. “We cannot destroy kindred: our chains stretch sometimes, but they never break”. Héél speciaal voor me. Lieve zus, dikke zoenen. Natuurlijk ook nog een brief, altijd leuk maar het leukste blijven de bijna dagelijkse sms-berichten die ze me stuurt.
Tja, dit soort attenties laten me voelen dat ik jullie daar in Nederland toch wel mis.
Gelukkig zijn er naast Rombout, hier nog meer Nederlanders. Daar is Redmer weer, nu gelukkig samen met Francis die voor MSF (Artsen zonder grenzen) in Soedan werkt en even vakantie heeft. Redmer hadden we hier al eerder gezien, in afwachting op Francis. Een gezellig stel, altijd leuk en veel lachen.
Tijdens het verblijf van Rombout blijft het weer goed, het wordt echter wel steeds een beetje warmer en de luchtvochtigheid neemt toe. Overdag is het niet zo erg, er is water genoeg. Helaas worden de nachten ook steeds warmer. De wind blijft, maar gelukkig niet meer zo erg dat het windscherm elke middag op hoeft.
Gewoon, twee prachtige en leuke weken met Rombout. Helaas voor jullie thuis, hij kan nog even geen foto’s laten zien want zijn camera heeft hij laten liggen…… Dus dat verhaal over al die leeuwen, dat moeten we nog zien. Over leeuwen gesproken. Rombout wilde wel een souvenir meenemen. Niet te groot natuurlijk en wel iets toepasselijk. Nou, dat moet dan maar een houten leeuw worden, zoveel gezien én volgens eigen zeggen is hij leeuw van sterrenbeeld. Geslaagd, een leuk leeuwtje en na nog een biertje zegt Rombout opeens “volgens mij ben ik geen leeuw, maar een stier”. Foutje, maar wel een leuk souvenir met mooi verhaal. Maar, geen foto’s, zelfs wij hebben niet één foto met Rombout. Oeps.
Dan wordt het tijd om in te pakken. Wim en ik hebben al wat gedaan terwijl Rombout de parken onveilig maakte. Veel te doen, maar wat wil je ook na bijna 10 weken op dezelfde plek. Zaterdagmiddag om 06.00 uur moet Rombout op het vliegveld van Mombasa zijn. Dus in de ochtend pakken we het laatste in, nog even snel wassen, ontbijten, zwemmen en douchen. De tent hoeven we niet in te pakken, die hebben we voor een goede prijs verkocht.
Veel komen er afscheid nemen en gedag zeggen. Behalve Rudi, de kleine man van de mislukte houten sleutelhangers. Al de tijd die we hier gestaan hebben was hij hier. Elke dag even gedag zeggen, grapjes maken, serieus praten (voor zover als dat mogelijk is), af en toe een sigaretje en soms wat water. Aardige joch. Hij maakt op ons verzoek een houten afbeelding van Afrika met daarin globaal onze route en een tekst. Natuurlijk wel een voorbeeld getekend anders komt er helemaal niets van terecht. Wonder boven wonder lukt het aardig. Voor de prijs die we betalen wil Wim ook nog een stuk palmboom, formaat krukje, om mee te nemen naar Nederland. Pole pole, rustig aan, dat komt wel, hakuna matata, geen probleem, het komt voordat jullie weggaan. Nou, het moet nog nu komen. En hetgeen me het kwaadst maakt is dat terwijl we afscheid van iedereen nemen, Rudi verderop een soort verstopt tussen de palmbomen staat. Geen palmboomkruk, maar ook geen normaal afscheid.
Dit soort gedrag staat me zo tegen. Het is altijd hetzelfde hier in Afrika. Ze willen altijd wat van je, altijd staan ze met de hand op. Zolang ze denken dat er wat te halen valt dan zijn ze aardig maar zodra ze weten dat er niets is of komt, dan behandelen ze je als vuil, nog te beroerd om beleefd te blijven. Altijd proberen ze je een poot uit te draaien. Het moet allemaal van onze kant komen, wil je wat van hun (ook al is het vragen naar de juiste weg), dan moet er wat tegenover staan. Nee, de zwarte Afrikanen hebben mijn hart niet gestolen. Nu na meer dan 2 jaar Afrika hebben we genoeg van de mentaliteit van de mensen hier. Ondanks dat blijft het continent prachtig. De landschappen zijn zo divers dat je er volgens mij je hele leven zou kunnen rondreizen en elke keer weer bevangen wordt door de indrukken.
Ik was gebleven bij ons afscheid van Tiwi Beach, Twiga Lodge. Samen met Rombout rijden we eerst naar de supermarkt in Mombasa en eten wat in de stad. Dan naar het vliegveld waar we ruim op tijd aankomen. De truck parkeren we mooi onder wat grote bomen met de trap in het gras. Na nog een biertje wordt het tijd om Rombout uit te zwaaien. Altijd moeilijk, zeker na een leuke tijd. Het idee dat het niet zo lang meer duurt eer we elkaar zien doet me goed.
Dan zitten we weer met elkaar, Wim, Brown en ik. Maar niet voor lang, we krijgen gezelschap van honderden grote kraaien die van zich laten horen. Het lijkt wel de film “The Birds”, bijna net zo angstaanjagend. En die krengen hebben maar een korte nachtrust nodig, ze zijn stil om 22.00 uur en beginnen weer om 04.00 uur. Voor ons dus ook een korte nacht. Vreemd genoeg hebben we geen last van vliegtuigen of verkeer. Het is raar dat we daar staan terwijl we weten dat Rombout zich aan de andere kant van de muur bevindt. En dat ik het vliegtuig zie opstijgen waar hij in zit, dag Rom!
Na dat korte nachtje rijden we richting Nairobi. We zullen het niet in 1 dag doen want dat is voor ons met de truck te ver, ondanks dat op het vliegveld we al een stukje op weg zijn in de goede richting, de ferry hebben we al gehad. De weg is slecht, veel slechter dan we ons kunnen herinneren van 2 jaar geleden. Ook moeten we een groot stuk van de weg af omdat er een nieuwe weg aangelegd wordt. Niets is zo frustrerend om over een hobbelige, bobbelige gravelweg te rijden terwijl er 20 meter naast je zwart, strak en glad asfalt ligt.
De route Mombasa-Nairobi is een gevaarlijk stuk om te rijden. De weg is smal, met net genoeg ruimte voor 2 wagens. Het is een veel bereden vrachtwagenroute, de route. Enkele vrachtwagens rijden 100 km per uur, andere halen nog geen 50 kilometer. Nou, dan weet je het wel. Inhalen en nog eens inhalen, gelukkig doet Wim er niet aan mee. Het lijkt af en toe wel crosscountry met vrachtwagens; van die enorme oude dingen waar alles aan rammelt, via de berm al hobbelend en springend voorbij de ander met beangstigende snelheden. Soms denken we dat de inhalende vrachtwagen omvalt, soms zijn we bang voor de mensen die in de berm lopen. En maar toeteren, gek word je er van. We snappen dat sommige truck-overlandorganisaties deze route mijden en de nachttrein nemen op dit traject.
We stoppen op ongeveer 160 kilometer voor Nairobi bij Hunter’s Lodge, een plek waarover we gehoord hebben als goede overnachtingsplek tussen Mombasa en Nairobi. En inderdaad we komen in een soort paradijs terecht. Na meer dan 10 weken zand en zee staan we nu in het groene gras tussen hoge en oude bomen. Er is een riviertje, een vijver met vissen. Vogels overal, naast de aalscholver, reiger, ral, ijsvogel zijn er veel gezellige gele vogeltjes. Ik weet de Nederlandse naam niet, maar het is de “common weaver”. Gezellig met elkaar de hele dag aan het kwetteren en van die nestbolletjes maken in takken en in het riet. Een compleet andere omgeving dan waar we vandaan komen. We dachten nog toen we van Tiwi Beach wegreden dat we het vreselijk zouden missen. Maar nu we op deze plek staan vragen we ons af waarom we hier niet eerder gekomen zijn. De nacht is koel, echt lekker koel. We besluiten nog een nacht te blijven en rommelen de hele dag wat aan/in de truck. Lekker alles open zetten (luchtvochtigheid is laag, zon schijnt en er is een verfrissend windje) en maar genieten van de vogels en het gras. De omgeving hier doet me denken aan de parken in Nederland, zoals de parken bij de kastelen van Haarzuilen en Oud Zuilen.
Dan rijden we door naar Nairobi, waar we wat aan de truck moeten doen. Eerst naar de supermarkt voor lekkere dingen (lekker brood, melk, groente, chips enz.) en de watertank leeg laten lopen. Door al die tijd staan is de tank vervuild geraakt met aanslag, het water is nu na het rijden en schudden helemaal bruin.
Dan naar de camping, National Park Camp Services. We worden verwezen naar Rangi’s site omdat die veel beter zou zijn, met een betere workshop. Gelukkig is het eenvoudig te vinden, even verderop aan de andere kant van de weg.
We staan hier nu drie nachten en het is prima. De werkplaats is goed en groot en er kan goed aan de truck gewerkt worden. De workshop wordt veel gebruikt voor de overlandtrucks van organisaties. Men weet waarover men praat. En de voorzieningen zijn uitstekend, ook de campingvoorzieningen. Schoon en netjes. En je kunt er nog lekker eten ook. Zelfs eigengemaakte, Nederlandse bitterballen!!!!!!!!!!! Nu kan ik nog wel weer even zonder kroketje want de bitterballen zijn mjummie.
AxelEn Brown heeft een vriend, Axel! Het is een kruising tussen een Deense Dog (grootste deel) en een Rigdeback. Een enorme hond van 3 jaar oud. Brown vindt het, zoals altijd, eerst maar niets maar nu gaat het gemoedelijk. Natuurlijk is Axel vier keer zo groot als Brown, maar hij blijft zachtaardig. Zit onderaan de trap te wachten tot ze naar buiten komt en legt zijn rugbybal voor haar neer (en dan kijkt Brown mij aan met een blik van “wat moet ik daar nou mee?”). Het is de eerste hond die naar binnen kan kijken als hij met zijn voorpoten op de trap staat. Toen het gisteren opeens begon te regenen (met hagel!) kwam Axel de trap op en lag lekker een uurtje binnen. Brown vond het allemaal goed. Gelukkig was het bezoek maar van korte duur want de loopruimte in de container werd volledig in beslag genomen door een hond. Trap af was moeilijker, Wim moest Axel naar beneden dragen.
We zien hier weer een oude bekende, Colin. Die hebben we meer dan twee jaar geleden ontmoet op Oudejaarsdag in Niger, Zinder. Terwijl Wim toen oliebollen aan het bakken was en weemoedig dacht aan een oudejaarsavond met ons tweeën, kwam er een grote overlandtruck met een Toyota aan. Het waren allemaal ex-overlandchauffeurs en gidsen van organisaties, van verschillende nationaliteiten op weg vanuit Engeland naar Kaapstad. Helaas zijn ze met elkaar niet ver gekomen, onderlinge verschillen en botsende ideeën over drank en blowen hebben er een vroegtijdig einde aan gemaakt. Maar met de complete groep hebben we toen een prachtig en nooit te vergeten Oud en Nieuw gevierd, uiteraard met veel drank en drugs. En hier is Colin, de chauffeur/eigenaar van de truck, dan weer. Hij werkt nu bij Rangi. We horen van hem dat de meiden van toen, Catherine, Faye en Froggie in Oeganda zitten, in Jinja. Dat is weer goed nieuws voor ons. We willen naar Oeganda om de gorilla’s te gaan bekijken en het is dan altijd fijn als je er bekenden hebt die weten hoe en wat.
Ook zien we hier Michael en Nadia weer, een Duits stel met een Magirus. Van hun hebben we onze terugreis optie; via Soedan en Saoudi Arabië. En dan wordt het helemaal pret als we de Engelsen weer zien. Jasper, Emma, Justin en Becky. Met hun Landrovers, 4X4 by far, zijn ze nog even niet veel verder gekomen. Problemen met de versnellingsbak. Dus ook zij hebben reparaties.

Zondag 25 januari 2004

En zo zitten we gezellig hier in Nairobi, ver buiten de stad. We zien hier ook nog wat Belgen en een Hollands stel die naar het noorden rijden. Een drukte van belang hier op de camping/workshop die nergens adverteert en draait op mond op mond reclame.
Vandaag gaan we niet veel doen, we houden een echte rustdag. We zijn zelfs, voor het eerst sinds Zuid Afrika, weer “gekleed”. Een echte lange broek aan met een net, bijna nog niet gedragen T-shirt. Het is voor ons vooral bijzonder omdat we de broeken weer normaal aankunnen! Geen knellende broekranden meer of knopen die niet dichtkunnen. We zijn afgevallen! Jippie mijn riem moet nu slechts nog 1 gaatje verder dan vroeger. En Wim moet een riem om, om zijn broek op te houden. Denk nu niet gelijk dat we broodmager zijn geworden, allesbehalve. Maar de vette kilo’s zijn even verdwenen.
Het is te danken aan het gebrek aan die lekkere, extra dingen. Geen chips, vette worst, veel snoep en te veel tussendoortjes. Nu Brown nog………

Het gaat ons dus goed, we hebben weer zin om te gaan rijden. Ik weet nog niet wanneer we hiervandaan vertrekken maar ons visum voor Kenia is nog 2 weken geldig. Dan naar Oeganda voor de gorilla’s en dan weer terug via Kenia naar Ethiopië. Langzaamaan komen we dichterbij!
Heel veel liefs, zoenen en tot het volgende verhaal,
XXXXXXXX Wim, Brown en Monique